AMS Institute
We hebben in kaart gebracht wat de omvang van e-waste in Amsterdam is, en welke kritieke materialen (CRM's) zich in deze stroom bevinden, als opmaat voor een kennis- en innovatieagenda.
Data beschikbaar voor download worden vrijgegeven onder CC BY-SA 4.0
Achtergrond en relevantie
Een groeiend deel van de vraag naar grondstoffen zit in elektronica, van smartphones en laptops tot slimme meters, zonnepanelen en laadinfrastructuur, die kritieke grondstoffen (CRM's) bevat waarvan de winning geconcentreerd is in enkele landen. E-waste is tegelijk de snelst groeiende afvalstroom van Nederland, maar een scherp beeld op de schaal van de stad ontbreekt.
Onderzoeksvraag
Wat weten we, en wat weten we niet, over kritieke grondstoffen in elektronica in Amsterdam, en wat betekent dat voor de vraag waar de stad op kan sturen?
Methode
Het onderzoek brengt het datalandschap in kaart. De nationale volumestromen van afgedankte elektronica (AEEA) zijn geordend op basis van het Nationaal (W)EEE Register en het Europese WEEE-model. Het volledig vaststellen van de samenstelling van CRM’s in e-waste is complex, maar dit onderzoek biedt wel een richting op basis van andere bronnen. Daarnaast zijn de milieukosten van een aantal CRM's berekend met impactfactoren. Per bevinding is expliciet benoemd wat harde data is en wat een richtinggevende schatting.
Belangrijke inzichten
De conclusie is tweeledig. De volumestromen zijn op hoofdlijnen redelijk gedocumenteerd. Zodra je inzoomt op specifieke materialen of producten, loopt het datalandschap echter tegen zijn grenzen aan.
De vraag is niet alleen hoeveel kritieke materialen we nodig hebben, maar ook welke producten het meest essentieel zijn. Het is belangrijk om prioriteiten af te wegen voor het geval schaarste of conflicten leidt tot tekorten. Dit vraagt om een bewuste, maatschappelijke ‘prioriteitenladder’ voor deze materialen en de producten waarin ze zijn toegepast. Het nadenken over hoe deze ladder eruit zou moeten zijn dwingt tot scherpe keuzes over producten die we het belangrijkst vinden. Om dit vraagstuk te structureren, formuleert dit rapport vijf kennisthema’s die opgepakt moeten worden in het vervolg.






