Gemeente Apeldoorn

Kunnen we binnen de organisatie het inzicht in de impact van GWW projecten vergroten? We ontwikkelen een CO2-budget voor Apeldoorns openbare ruimteprojecten, met een vooruitblik naar 2030 en 2050.

Client:
Gemeente Apeldoorn
Partner(s):
Van Waarde
Completion:
1 November 2025

Data beschikbaar voor download worden vrijgegeven onder CC BY-SA 4.0
Last update:

Achtergrond en relevantie 

Apeldoorn wil voldoen aan de doelen uit het Klimaatakkoord en het Nationaal Programma Circulaire Economie. De gemeente bouwt daarbij voort op circulaire initiatieven die tot nu toe vooral bottom-up ontstonden vanuit de motivatie van medewerkers. Op papier zijn de landelijke kaders duidelijk, maar in de praktijk van onderhoud en beheer van de openbare ruimte blijkt circulariteit soms lastig te vertalen naar concrete keuzes. 

Onderzoeksvraag

Hoe vertaal je een abstract klimaatdoel naar de lokale opgave voor aanleg,  onderhoud en beheer van de openbare ruimte zoals straten, bruggen en riolering?

Methode 

Structural Collective en VanWaarde hebben samen met de gemeente eerst de business-as-usual werkwijze in kaart gebracht: hoe zijn de verschillende wegtypes, bruggen, riolering en andere assets opgebouwd en wat is de jaarlijkse vervangings- en aanlegopgave. Op basis daarvan is de toekomstige materiaalvraag tot 2050 berekend en gekoppeld aan CO2-impact. Om deze uitstoot te toetsen aan het Parijsakkoord is een specifiek CO2-budget voor de Apeldoornse openbare ruimte afgeleid. Interviews met projectleiders en werksessies met beheerders brachten daarnaast in kaart waar al circulair gewerkt wordt en waar het vastloopt. In een tweede fase zijn dertien concrete interventies, zoals levensduurverlenging van asfalt en emissieloos materieel, doorgerekend op hun reductiepotentieel, en steeds getoetst met de assetbeheerders op wat realistisch haalbaar is.

Inzichten 

  • Bij de huidige werkwijze is het CO2-budget van Apeldoorn al voor 2030 op. Ook met de dertien doorgerekende interventies wordt het uitstoot-budget ver voor 2050 opgemaakt. Dat betekent dat enkel opschalen van bestaande maatregelen niet volstaat: er is een fundamenteel andere inrichting en onderhoud van de openbare ruimte nodig, en dat raakt ook aan ruimtelijke en politieke keuzes zoals budgetverdeling tussen gemeentelijke sectoren. 
  • Het onderzoek legde ook organisatorische knelpunten bloot: hergebruik van materialen als klinkers en tegels gebeurt nog grotendeels ad hoc, interne opdrachtgevers vragen niet standaard om circulariteit, en eigenaarschap in de processen is onduidelijk. 
  • Het traject heeft een stevige basis gelegd: inzicht in de omvang van de opgave, een overzicht van kansrijke interventies, en een beeld van de organisatorische knelpunten. Om circulariteit als standaard werkwijze te verankeren zal de gemeente de inzichten moeten uitwerken en bestuurlijk vaststellen.

The team

Jan van 't Hek

Mede-eigenaar & Adviseur duurzaamheid

Rianne Stelwagen

Adviseur duurzaamheid

Stijn Louca

Adviseur duurzaamheid